OPENBARING VAN PETRUS
Deze openbaring van Petrus heeft daarmee de zeer hechte band tussen Sint-Petrus (de eerste paus) en Maria,
de moeder van Jezus en God bevestigt, waarbij Jezus aan mij heeft gevraagd om deze "boodschap"
van Petrus (vanuit de hemel) op aarde door te geven aan de huidige paus Franciscus met de
opdracht om naar Onze-Lieve-Vrouwebasiliek te Tongeren te komen om hem als tweede paus op te volgen vanuit Tongeren (België).
Dit omdat België als gevolg
van het testament van 25 januari 1944 van koning Leopold III het enige soevereine
land in de wereld is (LEES HIER,
HIER).
Dit met de boodschap om vanuit Onze-Lieve-Vrouwebasiliek te Tongeren in het soevereine land België met de hulp
van koning Filip van België samen met zijn oudste dochter hertogin Elisabeth van België van het Hertogdom
Brabant, de gehele wereld te
verlossen van de "kwaadaardige demonen in mensen" en
vanuit de hemel een nieuwe wereld op te
bouwen dat bestaat uit soevereinestaten met
als grondwet de oorspronkelijk Belgische grondwet die vanaf 25 januari 1944
grondwettelijk van kracht is, aangevuld met de tien geboden
van God. Vanaf dat moment stoppen alle oorlogen in de
gehele wereld en geeft Jezus Christus aan
alle acht miljard wereldbewoners de opdracht om te stoppen met het vergiftigen van de wereld en al het geld te besteden aan het redden van
de wereld waarin iedereen in goede
harmonie met elkaar hun tijd en hun geld besteden aan datgene die ervoor zorgen
dat onze kinderen en kleinkinderen ook nog kunnen genieten van een gezond leven
op aarde in volle vrijheid zonder oorlog.
Om de hierboven beschreven "Goddelijke Waarheid" te verbloemen heeft theoloog Ireneüs van Lyon (Smyrna circa 140 – Lugdunum (Lyon), 202) zo'n 120 jaar na het overlijden van apostel Petrus in
Tongeren (België) op bevel van de Romeinse Keizer aangenomen dat Linus (Toscane) de tweede paus na de dood van apostel Petrus (eerste paus) geweest moest zijn. Het was Ireneüs van Lyon die zich
waande de opvolger van de laatste hoge priester (is Phannias ben Samuël, 66–70
n.Chr.) in de Joodse tempel in Jeruzalem te zijn
tijdens de Joodse Opstand. Zijn
formulering van de verzoeningsleer werd later, bij het Eerste Concilie van Nicea, tot grondslag van het christendom uitgeroepen. De door hem
opgestelde geloofsbelijdenis werd grotendeels overgenomen. Onder
protestantse theologen wordt hij vaak beschouwd als degene die het zuivere
christendom zou hebben beschreven.
Tijdens zijn pontificaat als hogepriester werden retroactief (met terugwerkende kracht)
de eerste veertien "verzonnen" pauzen (met geboorteplaats)
aangesteld na apostel Petrus (Bethsaida,
Galilea), zijnde: H. Linus (Toscane), H. Anacletus (Rome, Romeinse Keizerrijk), H. Clemens I (Rome, Romeinse Keizerrijk), H. Evaristus (Bethlehem, Judea), H. Alexander I (Rome), H. Sixtus I (Rome), H. Telesforus (Terranova da
Sibar), H. Hyginus (Athene, Griekenland), H. Pius I (Aquileia), H. Anicetus (Emesa, Syrië), H. Soter (Fondi), H. Eleuterus (Nicopolis), H. Victor I (Romeins Afrika) en H. Zefyrinus (Rome). De door de Romeinse Keizer aangestelde paus H. Calixtus I (Iberisch Schiereiland) kreeg daarom ook direct al te maken met de tegenpaus H. Hippolytus(Rome) een leerling van Ireneüs van Lyon die wist dat bovengenoemde "verzonnen"
veertien pauzen niet de ware pauzen waren na apostel Petrus, omdat die is overleden in Tongeren (België) en daar ook ligt begraven onder de Onze-Lieve-Vrouwebasiliek in Tongeren. Al deze "onechte"
opvolgers van apostel Petrus zijn in het Eerste Concilie van Nicea (± 325 n.Chr.) op bevel van de Romeinse Keizer blindelings overgenomen.
Het Eerste Concilie van Nicea was een concilie van "onechte" christelijke
bisschoppen die bijeengeroepen waren in Nicea in Bithynië (het
hedendaagse İznik in Turkije)
door de
Romeinse keizer Constantijn I in het
jaar 325. Dit eerste oecumenisch concilie was
de eerste poging om consensus te bereiken in de Kerk door middel van een
vergadering die het hele christendom vertegenwoordigde.
De belangrijkste resultaten van dit concilie
waren de regeling van de christologische kwestie
betreffende de aard van Jezus en zijn relatie met God de Vader en de Heilige Geest, de opstelling van het eerste deel
van de geloofsbelijdenis
van Nicea-Constantinopel, het
regelen van de datumberekening van Pasen en de
afkondiging van het vroege canoniek recht.
Als de eerste veertien pauzen na apostel Petrus verzonnen "onechte" pauzen zijn, dan zijn
alle opvolgers tot en met de huidige paus Franciscus dat ook.
Dat alles heeft dan ook geleid tot vele "tegenpauzen", "Schisma's (waaronder
het Oosters Schisma in 1054
n.Chr., de scheuring binnen
de christelijke kerk tussen
de oosters-orthodoxe kerken aan de ene kant en de Rooms-Katholieke Kerk aan de andere kant) en zelfs meerdere periodes "zonder
Paus" te weten: 1.) vanaf 68/70 tot 217 (± 148
jaar), 2.) vanaf 6/11 maart 251 (15 maanden), 3.) vanaf
8 augustus 258 (9 maanden), 4.) vanaf 1 april 304 (4 jaar), 5.)
vanaf 29 november 1268 (3 jaar), 6.) vanaf 4 april 1292(2
jaar), 7.) vanaf 20 april 1314 (2 jaar), 8.) vanaf
4 juli 1415 (2 jaar) en 9.) vanaf 29 augustus 1799 (6 maanden).
Het behoeft geen toelichting dat een periode "zonder Paus"
absoluut niet kan. Dat betekent
namelijk dat in die periodes Jezus Christus vanuit de hemel geen plaatsbekleder op aarde heeft gehad. Kennelijk heeft tot op de dag van vandaag deze
boodschap van Jezus
Christus niemand begrepen. Ook kan
een plaatsbekleder van Jezus Christus nooit terugtreden als paus. Dit omdat "Het
Paus Zijn" geen aardse functie is. De paus is de "plaatsbekleder"
van Jezus
Christus en vertegenwoordigd als zodanig Jezus Christus vanuit de hemel op aarde.
Het betreft dan ook een hemelse functie die de paus moet
uitoefenen tot aan zijn dood om na zijn dood daarover aan Jezus Christus zich te verantwoorden.
Enkele uren nadat paus Benedictus XVI eind februari 2013 zijn terugtreden als paus kenbaar maakten
sloeg de bliksem letterlijk in deze "onechte" zetel van de paus in de
Sint-Pieter te Rome (zie Video).