De meeste zeldzame bloedgroep in Nederland zijn de bloedgroepen: B-, AB+ en AB-.
Deze drie bloedgroepen samen zijn goed voor maar 5% van de Nederlandse
bevolking. Dit terwijl bloedgroep 0+ allen al goed is voor 40% van de
Nederlandse bevolking is. Als je echt de zeldzaamste bloedgroep wilt weten praten we over AB-Negatief, deze bloedgroep heeft maar 0,5% van alle Nederlanders.
Het menselijk bloed is ingedeeld in 4 bloedgroepen. Dit zijn
bloedgroep A, B, AB en 0. Deze letters en cijfer refereren aan een
antigen, of proteïne, aan het oppervlakte van de rode bloedcellen. De
oppervlakte van de rode bloedcellen van het type A bijvoorbeeld, heeft
antigenen welke bekend zijn onder de naam A-antigenen.
De AB+ Bloedgroep is redelijk zeldzaam (3% van NL bevolking)
Elk bloed type is daarnaast ingedeeld door een Rhesus factor, ook wel
RH factor genoemd. Bloed is of Rh positief (Rh+) of Rh negatief (Rh-).
De meerderheid van de mensen heeft Rh+ bloed. Rhesus refereert aan een
ander type antigen of proteine, aan het oppervlakte van de rode
bloedcellen.
Bloedgroep O
De meest voorkomende bloedgroep in Nederland is bloedgroep 0,
bijna de helft van de Nederlanders (47%) heeft bloedgroep 0. Daarna
komt bloedgroep A met ongeveer 42%, bloedgroep B met 8% en slechts 3%
van de Nederlanders heeft bloedgroep AB.
Als de rhesusfactor gekoppeld wordt aan de bloedgroep heb je acht
soorten bloedgroepen; namelijk bloedgroep A positief, bloedgroep A
negatief, bloedgroep B postief, bloedgroep B negatief, bloedgroep AB
postief, bloedgroep AB negatief, bloedgroep 0 postief en bloedgroep 0
negatief. Als je weet welke bloedgroep je hebt kun je hieronder zien
welk percentage van de Nederlandse bevolking dezelfde bloedgroep heeft
(afgerond op hele procenten).
Wereldwijd is bloedgroep AB negatief het minst voorkomend (0,45% van de
wereldbevolking), gevolgd door bloedgroep B negatief (1,39%), bloedgroep
A negatief (3,52%), bloedgroep AB negatief (4,33%) en bloedgroep AB
positief (5,06%). De overige drie bloedgroepen komen het meest voor;
ongeveer eenvijfde van de wereldbevolking heeft bloedgroep B positief
(20,59%), ongeveer een kwart heeft bloedgroep A positief (28,27%) en het
vaakst komt bloedgroep 0 positief voor (36,44% van de mensen heeft deze
bloedgroep).
Erfelijkheid bloedgroepen
Bloedgroepen zijn erfelijk en worden dus doorgegeven van de ouders op
kinderen (tijdens de zwangerschap). Beide ouders geven A, B of O door.
Sommige groepen zijn dominant ten opzichte van andere groepen.
Bloedgroep O is ondergeschikt aan A en B. Erf je dus van je moeder een A
en van je vader een O, dan heb je kopie A en O, maar bloedgroep A. Als
je bloedgroep A hebt, kan die dus zijn samengesteld uit een A en een A,
maar ook uit een A en een O. Als je bloedgroep B hebt, kan die dus zijn
samengesteld uit een B en een B, maar ook uit een B en een O. Ouders
geven maar een van hun twee kopieën door aan het kind.
Als beide ouders bloedgroep A hebben, dan hebben zowel de vader als
moeder A+A of A+O (A is dominant). Als beide ouders de A doorgeven heeft
het kind A+A=A. Als 1 ouder de A doorgeeft en de andere een O, dan
heeft het kind A+O=A. Als beide ouders de O doorgeven heeft het kinder
O+O=O. Als beide ouders O hebben (O+O dus), dan krijgt het kind dus
zeker O.
(Bron en meer informatie: https://www.bloedcellen.nl/bloedgroep/)