Betekenis Gods' evenbeeld
Op de laatste dag van de schepping zei God: "Laten wij mensen maken die ons evenbeeld zijn, die op ons lijken" (Genesis 1:26).
Hij beëindigde Zijn werk dus met een "persoonlijke noot". God vormde de
mens uit het stof en gaf hem leven door Zijn levensadem met hem te
delen (Genesis 2:7).
De mens is daarom uniek in de hele schepping en heeft daarom een
materieel aspect (lichaam) en een immaterieel aspect (ziel/geest). Het "evenbeeld" of de "gelijkenis" van God betekent, in de meest
eenvoudige zin, dat wij gemaakt zijn om op God te lijken.
Adam leek niet
op God omdat God vlees en bloed zou hebben. De Schriftteksten vertellen
ons: "God is een Geest" (Johannes 4:24)
en Hij bestaat daarom zonder lichaam. Maar Adams lichaam weerspiegelde
het leven van God, omdat hij met een perfecte gezondheid werd geschapen
en niet zou sterven.
Het evenbeeld van God slaat op het immateriële aspect van de mens. Het
onderscheidt de mens van de dierenwereld, maakt hem geschikt voor de
"heerschappij" die God in gedachten had (Genesis 1:28) en stelt hem in staat om met zijn Maker te communiceren. Het is een mentale, morele en sociale gelijkenis.
Bron tekst: https://www.gotquestions.org/Nederlands/evenbeeld-God.html