Sprey, Keizer, Knolle en andere medewerkers werven in hoog tempo
personeel. Binnen een paar maanden zijn ze zover dat de school van start
kan. Grote vraag is alleen waar ze hun studenten vandaan moeten halen.
Verkerk, die tot half augustus 1943 op de school blijft werken: "In mijn
tijd was er plm. 30 man aan de school verbonden, waaronder 6 à 7
leerlingen." Van die laatste groep zijn er vijf onvrijwillig aanwezig.
"Ik weet dat er onder deze leerlingen enkele personen waren die, na door
de Duitsers op illegaal werk betrapt te zijn, ter dood veroordeeld
waren en op deze wijze gratie kregen om hun houding en leven te
verbeteren door als spion voor Duitsland te worden ingezet." Hij noemt
er vier: Hella Louise ten Cate-Brouwer, Alexander Otto Leendert
Strijkers, Twin Haan en Pieter Abraham Hulsman.
'Gratie'
Hulsman behoort dus tot de eerste lichting 'studenten'. Hij verricht
tot 1942 verzetswerk in Haarlem, maar wordt in februari van dat jaar
gearresteerd. In september volgt zijn terdoodveroordeling. Wachtend op
de onvermijdelijke kogel wordt hij in kamp Amersfoort benaderd door
Friedrich Knolle. Die biedt Hulsman 'gratie' aan als hij bereid is om
voor de Duitsers te gaan werken. Op 22 mei 1943 wordt Hulsman
overgebracht naar Seehof. Daar begint zijn ruim drie maanden durende opleiding tot spion.
Geleidelijk aan komen er wat meer leerlingen. In juli arriveert er
een dozijn Arabieren. Verder zijn er rond die tijd twaalf Nederlanders,
vijf of zes Belgen en een Zwitser. 'They were of poor material',
aldus het Canadese rapport. Dat is niet zo verwonderlijk, gezien de
wijze van selecteren. De werving van veroordeelde verzetsstrijders als
Pieter Hulsman tekent de zwakte van de school. Bij gebrek aan voldoende
vrijwilligers onder gelijkgezinden wijken Knolle c.s. uit naar mannen en
vrouwen die geen keus hebben. De kans dat zij, zodra ze de kans
krijgen, terugvallen in hun deutschfeindliche houding is groot. De Seehof-leiding
ziet echter geen mogelijkheden om voldoende betrouwbaar geachte
pupillen te enthousiasmeren, ondanks de stevige toelage die hen toevalt.
Geld lijkt geen rol te spelen bij de pogingen om de school tot een
succes te maken.
De Seehof-leiding ziet geen mogelijkheden om voldoende betrouwbaar geachte pupillen te enthousiasmeren.
Zowel de spionnen in spe als hun docenten hebben een schuilnaam.
Verkerk krijgt op bevel van Knolle het pseudoniem 'Domburg'. Strijkers
wordt 'Lodewijk'. Hulsman 'Von Unwerth'. Ten Cate Brouwer 'Fraülein
Braun'. Hen wordt op het hart gedrukt alleen het alias te gebruiken.
Slechts een enkele leerling weet van een ander diens – in vertrouwen
meegedeelde – echte naam.
Lange dagen
De aspirant-agenten maken lange dagen. Uitgezonderd de zondag worden
ze iedere dag om 5.55 uur wakker gemaakt. Vijf minuten later begint er
een drie kwartier durend sportblok, gevolgd door een ontbijt en – om
8.00 uur – schietoefeningen. Twee uur later zijn er achtereenvolgens
lessen radiotelegrafie en politiek onderricht. Na de lunch is er
'sabotageleer' (14.00-15.00 uur) en een les in 'codesystemen'
(15.00-16.00 uur). Vanaf 16.00 uur volgt er auto- of motorrijles. De dag
eindigt om 18.00 uur met atletiek en avondeten.
In 1943 krijgen de leerlingen spionage- en sabotagelessen. Vanaf 1944
is het, afhankelijk van de toe te bedelen taak, het ene of het andere
specialisme. Op Zorgvliet – waar onder meer een zwembad en een
schietbaan zijn aangelegd – wordt geoefend in het laten springen van
treinrails, bruggen en leidingen en het opblazen van bomen. Bekend is
dat er zelfs onderschept Brits sabotagemateriaal als lesstof wordt
gebruikt. Het is de opbrengst van het Englandspiel, waarbij niet alleen agenten, maar ook onder meer wapens, springstoffen en detonators worden gedropt.
Er is ook aandacht voor 'het gemak van zich vrij te bewegen in alle
soorten van kringen', het afluisteren van telefoongesprekken, kaartlezen
en het oplossen van geheime codes. "Voorts was voor hen zeer belangrijk
het aannemen van vermommingen, vooral als politie, ambtenaren van gas,
water of elektriciteit, loodgieter of glazenwasser." Iedere veertien
dagen evalueren de leraren de vorderingen van hun pupillen en geven ze
punten voor de behaalde prestaties.